De eerste plannen voor een streekarchivariaat


De archieven van Alphen aan den Rijn werden na de bouw in 1938-1939 opgeslagen in het raadhuis aan het Burgemeester Visserpark en in 1981 is er een gemeente archivaris benoemd. In 1995 ontstond het Streekarchief als gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Alphen aan den Rijn, Jacobswoude, Liemeer en Rijnwoude. Echter de plannen voor een streekarchivariaat werden in 1966 al geopperd door de toenmalige provinciaal inspecteur Van der Gouw.

Archieven in verval


Er ging een lange tijd aan vooraf, voordat men in Alphen aan den Rijn een archivaris aanstelde. De archieven werden bewaard, maar er was er geen archivaris aangesteld om erop toe te zien dat de archieven geïnventariseerd en goed toegankelijk werden gemaakt. Bij een inspectie in 1961 bleek bijvoorbeeld het archief van de politie van voor 1945 spoorloos verdwenen te zijn en werd het oud- archief van de water- en lichtbedrijven vanaf 1900 in vervuilde staat op een zolder boven een magazijngebouw aangetroffen.

De kadastrale registratie was opgeborgen op zolder en de provinciaal inspecteur, de heer Van der Gouw, adviseerde deze belangrijke archiefstukken onder te brengen in de archiefruimte. Burgemeester en wethouders vonden dit minder geschikt, omdat het raadplegen van de kadastrale registratie een tijdrovende klus is en een onderzoeker zich daarom lange tijd zonder toezicht in de archiefruimte zou ophouden. Een studiezaal voor bezoekers was in die tijd nog niet aanwezig.


Archiefbewaarplaats vol


De archiefbewaarplaats was bovendien vol en sommige archieven waren elders ondergebracht. De aanwas van archiefstukken was groot en er was geen mogelijkheid tot uitbreiding van het personeel. In 1964 verkreeg de gemeente Alphen aan den Rijn ook het beheer van de archieven van Zwammerdam, die daar in 'verwarde toestand' op zolder stonden. Ook was er houtworm geconstateerd in de kasten op zolder. De archieven van Zwammerdam bleven tot in de jaren '70 deels in een kluis en deels op zolder in het raadhuis van Zwammerdam in afwachting van uitbreiding van de archiefbewaarplaats in Alphen. In Alphen aan den Rijn ging men op zoek gaan naar een nieuw gebouw. De polderarchieven werden in de jaren '60 in gedeelten overgebracht naar het archief van het Hoogheemraadschap van Rijnland.


Eerste ideeën voor een streekarchivariaat


Al in 1966 adviseerde inspecteur van der Gouw de aanstelling van een archivaris, omdat alleen de heer Oudhof, die veel kennis bezat van de archieven, iets kon vinden. Van der Gouw adviseerde bovendien een geschikt gebouw in te richten met een leeszaal en uitleen voor boeken. Volgens hem zouden de omliggende polders en gemeenten hierbij betrokken moeten worden. Dit was in feite het allereerste idee voor de oprichting van een streekarchivariaat, bijna dertig jaar voor de oprichting van Streekarchief Rijnlands Midden! Als optie werd het raadhuis van Zwammerdam genoemd, een wethouder opperde het museum aldaar.

Van der Gouw bleef aandringen bij de gemeente toen er niks gebeurde. Als redenen voor de trage voortgang werden door de gemeente de financiële toestand, huisvestingsmoeilijkheden, de nieuwe taken van de gemeente, drukke werkzaamheden van de secretarie, ziekte en openstaande vacatures aangedragen.

In 1971 oordeelde de provinciaal inspecteur wederom dat archiefbewaarplaats te klein was en dat de ordening en inventarisatie van de archieven niet meer voldeden: "de tijd is voorbij dat de toegankelijkheid van de archieven kan worden gewaarborgd, doordat een bejaard en onlangs wegens het bereiken van de 65-jarige leeftijd gepensioneerd ambtenaar alles in het hoofd heeft. … de op onderzoek gebaseerde geschiedschrijving van ver en recent verleden vanuit verschillende gezichtspunten is vrijwel onmogelijk."

Hij raadde aan om het archief niet verder in verval te laten geraken en om over te gaan tot benoeming van een archivaris, zoals ook in andere gemeenten van een dergelijke omvang gebruikelijk was. Hij meende: " … dat een gezonde sociale economische en culturele ontwikkeling gebaseerd op het gemeenschapsbesef van de bevolking mede een voedingsbodem vindt in historisch besef." Hij vond het van belang dat historische kennis onder een groot publiek en met name de jeugd verspreid werd. En hiervoor was een goed geordend en geïnventariseerd archief noodzakelijk. Het duurde echter nog tien jaar voordat een archivaris aangenomen werd.


Verbouwing van het raadhuis


Eind 1980 waren er plannen om het gehele archivariaat naar het oude raadhuis te verplaatsen. Hiervoor was een verbouwing noodzakelijk. Verrijdbare stellingen moesten de capaciteit van 800 naar 1491 strekkende meter opvoeren. Een nadeel van de huisvesting van het archief in het souterrain was dat de inrichting 'onoverzichtelijk en ondoelmatig' was. Grote blokken archieven konden niet bij elkaar geplaatst worden. Als voordelen tegenover de inrichting van een nieuw gebouw werden genoemd het karakter van het gebouw en de geringe kosten. De toiletruimte werd verplaatst, zodat men naar het toilet kon gaan zonder de archiefruimte te betreden. Enkele wanden werden weggehaald en de archiefruimte werd afgesloten van het overige deel van het souterrain. De kozijnen in de archiefruimten werden voorzien van spiegeldraadglas en ramen van hang- en slootwerk, de centrale verwarming werd aangepast, leidingen en radiatoren verwijderd en er kwam mechanische ventilatie. En in 1981 werd een archivaris aangesteld.


Van gemeentearchief tot streekarchief tot gemeentearchief


Studiezaal in 1995In de vernieuwde archiefruimte was nog steeds geen studiezaal aanwezig en voor bezoekers werd ergens in het gebouw een plaats gezocht. Later konden bezoekers plaatsnemen aan een ronde tafel die in de werkkamer van de archivaris stond en pas na enige tijd kon de leeszaal van de raadsleden in gebruik genomen worden als echte studiezaal. In 1995 ontstond op aandringen van Cees Beunder, een vaste bezoeker van het archief, het Streekarchief Rijnlands Midden als gemeenschappelijke regeling van de gemeenten Alphen aan den Rijn (de voormalige gemeenten Alphen, Aarlanderveen, Oudshoorn en Zwammerdam), Jacobswoude (de voormalige gemeenten Leimuiden, Rijnsaterwoude en Woubrugge), Liemeer (de voormalige gemeenten Nieuwveen en Zevenhoven) en Rijnwoude (de voormalige gemeenten Benthuizen, Hazerswoude en Koudekerk aan den Rijn). Vanaf dat moment groeide het aantal strekkende meters te beheren archief. Het archiefdepot werd in fasen uitgebreid en heringericht tot het een capaciteit had van ruim drie kilometer, waarmee het maximum was bereikt. Ook het aantal medewerkers groeide en er kwamen vrijwilligers die bronnen nader toegankelijk gingen maken.

Uitbreidingen van het gebied van het Streekarchief volgden in 1998 met de deelname van de gemeente Ter Aar en in 2003 met de deelname van de gemeente Nieuwkoop. De samenvoeging van de gemeenten Jacobswoude en Alkemade tot de gemeente Kaag en Braassem, met ingang van 2009, en de samenvoeging van Alphen aan den Rijn, Rijnwoude en Boskoop, met ingang van 2014, leidden er toe dat de archieven van de (inmiddels voormalige) gemeenten Alkemade en Boskoop ook onder beheer van het Streekarchief kwamen.

Op 1 januari 2017 werd de gemeenschappelijke regeling Streekarchief Rijnlands Midden opgeheven en het gemeentearchief Alphen aan den Rijn opgericht. De gemeenten Kaag en Braassem en Nieuwkoop hebben met ingang van die datum het beheer van hun archieven overgedragen aan Erfgoed Leiden en omstreken.